|
Zondag 26 april 2026
om 09:30 uur
Eredienst
Voorganger(s): Ds. W. J van Dijk
Ouderling(en): Harrie van der Veen
Organist: Jaap Smid
Liturgie Noard-Burgum 26 april 2026
Voorzang – NLB 657: 1,4 Zolang wij ademhalen
Welkom en mededelingen
Aanvangslied – Psalm 33: 2,8 Zing al wie leeft van Gods genade
Stil gebed
Votum en groet
Lied – Psalm 145: 1,2 O Heer mijn God, Gij koning van ’t heelal
Leefregel: Rom. 12: 9-21
9Laat uw liefde oprecht zijn. Verafschuw het kwaad en wees het goede toegedaan. 10Heb elkaar lief met de innige liefde van broeders en zusters en acht de ander hoger dan uzelf. 11Laat uw enthousiasme niet bekoelen, maar laat u aanvuren door de Geest en dien de Heer. 12Wees verheugd door de hoop die u hebt, wees standvastig wanneer u tegenspoed ondervindt, en bid onophoudelijk. 13Bekommer u om de noden van de heiligen en wees gastvrij. 14Zegen uw vervolgers; zegen hen, vervloek hen niet. 15Wees blij met wie zich verblijdt, heb verdriet met wie verdriet heeft. 16Wees eensgezind; wees niet hoogmoedig, maar zet uzelf aan tot nederigheid. Ga niet af op uw eigen inzicht. 17Vergeld geen kwaad met kwaad, maar probeer voor alle mensen het goede te doen. 18Stel, voor zover het in uw macht ligt, alles in het werk om met alle mensen in vrede te leven. 19Neem geen wraak, geliefde broeders en zusters, maar laat God uw wreker zijn, want er staat geschreven dat de Heer zegt: ‘Het is aan Mij om wraak te nemen, Ik zal vergelden.’ 20En ergens anders staat: ‘Als uw vijand honger heeft, geef hem dan te eten, als hij dorst heeft, geef hem dan te drinken. Dan stapelt u gloeiende kolen op zijn hoofd.’ 21Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede.
Lied – NLB 675:1 Geest van hierboven
Gebed om Gods Geest
Schriftlezingen
1e Lezing Jes. 61: 1,2
1De geest van God, de HEER, rust op mij, want de HEER heeft mij gezalfd. Om aan armen het goede nieuws te brengen heeft Hij mij gezonden, om aan verslagen harten hoop te bieden, om aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken en aan geketenden hun bevrijding, 2om een genadejaar van de HEER uit te roepen en een dag van wraak voor onze God, om allen die treuren te troosten,
2e Lezing Matth. 13: 44-51
44Het is met het koninkrijk van de hemel als met een schat die verborgen lag in een akker. Iemand vond hem en verborg hem opnieuw, en in zijn vreugde verkocht hij alles wat hij had en kocht die akker.
45Ook is het met het koninkrijk van de hemel als met een koopman die op zoek was naar mooie parels. 46Toen hij een uitzonderlijk waardevolle parel vond, verkocht hij alles wat hij had en kocht die parel.
47Het is met het koninkrijk van de hemel ook als met een sleepnet dat in een meer werd geworpen en waarmee allerlei soorten vis werden gevangen. 48Toen het net vol was, trok men het op de oever en ging men zitten om de goede vis in kuipen te doen; de slechte vis werd weggegooid. 49Zo zal het gaan bij de voltooiing van deze wereld: de engelen zullen eropuit trekken en de kwaadwilligen van de rechtvaardigen scheiden, 50en ze zullen hen in de vuuroven werpen, waar ze zullen jammeren en knarsetanden.
51Hebben jullie dit alles begrepen?’ ‘Ja,’ antwoordden ze.
3e Lezing Hand. 1: 1-3
1In mijn eerste boek, Theofilus, heb ik de daden en het onderricht van Jezus beschreven, vanaf het begin 2tot aan de dag waarop Hij in de hemel werd opgenomen, nadat Hij de apostelen die Hij door de heilige Geest had uitgekozen, had gezegd wat hun opdracht was. 3Dat Hij leefde heeft Hij hun na zijn lijden en dood herhaaldelijk bewezen door gedurende veertig dagen in hun midden te verschijnen en met hen over het koninkrijk van God te spreken.
Lied – NLB 909: 1,2,3 Wat God doet dat is welgedaan
Preek
Lied – NLB 799: 1,2,6 Kom kinderen niet dralen
Dankgebed en voorbede
Collecte
Slotlied – NLB 968: 1,2,5 De ware kerk des Heren
Zegen
|